Veelgestelde vragen (FAQ'S)

  1. Ik mis bepaalde geneesmiddelen in het eerste scherm. Waarom zie ik deze niet?

  2. Wie bepaalt de volgorde van geneesmiddelen in het Formularium?

  3. Is het mogelijk om het Formularium lokaal aan te passen naar onze eigen wensen?

  4. Mijn patiënt heeft meerdere co-morbiditeiten. maar ik kan slechts 1 patiëntgroep kiezen.

  5. Het valt mij op dat de 1e, 2e en 3e keuze van de SSRI’s in het Formularium (Medicom) niet volgens het NHG genoteerd staat.

  6. Hoe kom ik bij de alternatieven in het Formularium?

  7. Hoe kom ik bij de doseervarianten in het Formularium?

  8. In het Formularium staat bij blaasontsteking bij mannen antibioticum voor 7 dagen terwijl de NHG-Standaard 14 dagen aangeeft. Hoe zit dit?

  9. Wat kan de reden zijn dat bij vrouwen met een urineweginfectie een kuurduur van 7 i.p.v. 5 dagen wordt geadviseerd?

  10. Waarom bij een gewicht tot 40kg een Nitrofurantoine suspensie als voorstel, terwijl het gewoon een capsule kan zijn?

  11. Waar zijn de voorschriften, bij urineweginfecties bij kinderen, in Medicom op gebaseerd?

  12. Waar kan ik meer informatie vinden over Vitamine D oplaaddosis?

  13. Waarom wordt Feneticilline (Broxil®) niet o.b.v. leeftijd gedoseerd, zoals in het Kinderformularium?

  1. Ik mis bepaalde geneesmiddelen in het eerste scherm. Waarom zie ik deze niet?

    Het openingsscherm van het Formularium toont een overzicht van het behandelbeleid, een complexe samenstelling van adviezen en recepten. Om dit aanbod zo overzichtelijk mogelijk te houden, ziet u in dit openingsscherm meestal ‘slechts’ één middel uit elke gelijkwaardige geneesmiddelmiddelengroep. Eén scherm verder kunt u vervolgens eenvoudig een alternatief kiezen. Hierbij zet het Formularium de middelen onder elkaar zonder voorkeursvolgorde. Als er wel sprake is van een voorkeursvolgorde, dan geeft het Formularium hierover een melding in de opmerkingstekst achter een geneesmiddel in de vorm van ‘stap 1’ , ‘keuze 1’ etc.

  2. Wie bepaalt de volgorde van geneesmiddelen in het Formularium?

    De volgorde van alternatieve middelen (een ander geneesmiddel of niet-medicamenteus advies uit dezelfde therapeutische groep) wordt in de eerste plaats bepaald door de richtlijn (‘infobron’, bv. een NHG-Standaard) waarop het Formularium gebaseerd is. In de tweede plaats kan de Redactiecommissie Formularium van Health Base (5 artsen en 5 apothekers) de volgorde beïnvloeden op basis van hun expertise. In de derde plaats hebben huisartsen (gebruikers) een stem wanneer zij aangeven een andere volgorde te willen. Dit kan via een mail naar formularium@healthbase.nl

  3. Is het mogelijk om het Formularium lokaal aan te passen naar onze eigen wensen?

    Het Formularium kan lokaal aangepast worden door de lokale Formulariumbeheerder o.b.v. lokale FTO-afspraken. Zie de Handleiding Formulariumbeheer.

  4. Mijn patiënt heeft meerdere co-morbiditeiten, maar ik kan slechts 1 patiëntgroep kiezen.

    Wanneer 1 patiëntgroep in aanmerking komt, kiest Medicom deze automatisch. Wanneer meerdere patiëntkenmerken van toepassing zijn, kiest u zelf de juiste patiëntgroep. Vaak is het nodig om eerst de therapieënschermen te bekijken van deze patiëntgroepen. Gebruik de knop ‘Terug’ om terug te keren van het therapieënscherm naar het patiëntgroepenscherm.

  5. Het valt mij op dat de 1e, 2e en 3e keuze van de SSRI’s in het Formularium (Medicom) niet volgens het NHG genoteerd staat.

    De structuur van de Formulariumsoftware is zo gemaakt dat de middelen onder elkaar komen te staan. Dat betekent niet dat het bovenste middel eerste keus is. Als dat wel zo is, dan staan er in de opmerkingsteksten 1e keus, 2e keus etc (of stap 1, stap 2 etc). Daarnaast is de opzet van de Formulariumsoftware dat in principe van elke groep geneesmiddelen er één getoond wordt in het eerste scherm om het overzicht compact te houden. De gebruiker kan immers zelf ook nog altijd een alternatief middel kiezen van een andere therapiegroep.

  6. Hoe kom ik bij de alternatieven in het Formularium?

    U opent een Formularium en selecteert zo nodig een deelformularium. U kiest in het venster Therapieregels een therapieregel. U klikt vervolgens linksboven op het icoon (Menu). Klik vervolgens op A (Alternatieven). Toetscombinatie Alt+A -> Enter (menu) -> A.

  7. Hoe kom ik bij de doseervarianten in het Formularium?

    U opent een Formularium en selecteert zo nodig een deelformularium. U kiest (markeert) in het venster Therapieregels een therapieregel. U klikt vervolgens linksboven op het icoon (Menu). Klik vervolgens op D (Doseervarianten). Toetscombinatie Alt+A -> Enter (menu) -> D.

  8. In het Formularium staat bij blaasontsteking bij mannen antibioticum voor 7 dagen terwijl de NHG-Standaard 14 dagen aangeeft.

    De NHG-Standaard geeft aan dat mannen bij weefsel invasie gedurende 14 dagen behandeld moeten worden en in het andere geval => UWI risicogroep zonder weefselinvasie, gedurende 7 dagen. De arts moet dus zelf het goede deelformularium kiezen om via het Formularium op de juiste therapieduur en juiste middel uit te komen.

  9. Wat kan de reden zijn dat bij vrouwen met een urineweginfectie een kuurduur van 7 i.p.v. 5 dagen wordt geadviseerd?

    Bij voorschrijven via een EVS (Formularium) kiest het Formularium een therapiescherm op basis van comorbiditeit die in de actieve probleem/episodelijst staan, plus wat in het CI scherm staat. Onder de deelformularia ‘hangen’ namelijk meestal meerdere patiëntengroepen, die gedefinieerd worden door leeftijd, geslacht en/of comorbiditeit. U kunt dat zien aan het kleinere schermpje links boven. Hier ziet u welke patiëntengroep met welke comorbiditeit door het Formularium open staat. De 7 daagse kuur wordt geadviseerd bij vrouwen die behoren tot de risicogroep: zwanger, diabetes mellitus of verminderde weerstand, afwijkingen aan nieren/urinewegen (zoals ernstige nierinsufficientie, cystenieren, nierstenen, neurogene blaas, bemoeilijkte mictie of bekend blaasresidu), neurologische blaasstoornissen en verblijfskatheter. Niet al deze comorbiditeiten kunnen via ICPC code het goede advies opleveren. Dit gebeurt wel bij W78, W81.xx, W84.00, T91, T99.01, U05.2, U95.01, U88.00, U95.00, U99.01 en U99.03. In sommige gevallen moet u handmatig, zoals bijvoorbeeld bij nierstenen (U95) kiezen tussen een 7 of 5 daagse kuur. Met de knop Terug (of F8) en Enter kunt u eenvoudig ‘switchen’ naar de patiëntgroep zonder comorbiditeit en de 5 daagse kuur voorschrijven.

  10. Waarom bij een gewicht tot 40 kg een Nitrofurantoine suspensie als voorstel, terwijl het gewoon een capsule kan zijn?

    Tot 40 kg betekent letterlijk tot 39,99 kg en dus dient vanaf 40 kg in het therapieregelscherm de therapieregel “tot 12 jaar” gekozen te worden (en niet 32-40kg). Dan kunt u wel kiezen tussen de doseervarianten suspensie of de capsules. In het recentere doseeradvies staan de gewichtscohorten veel duidelijker namelijk “32-40 kg”. Hier dan nog met wel alleen de suspensie.

  11. Waar zijn de voorschriften, bij urineweginfecties bij kinderen, in Medicom op gebaseerd?

    Het Kinderformularium.

  12. Waar kan ik meer informatie vinden over Vitamine D oplaaddosis?

    Van alle Formularia zijn de informatiebronnen te raadplegen. U klikt op knop Terug totdat u in het hoofdformularium zit. Vervolgens kunt u via knop menu en infobronnen de gewenste informatie vinden. Over vitamine D zijn veel ‘infobronnen’ en ook heel veel uiteenlopende oplaaddoseringen en zelfs formules om deze oplaaddosis te berekenen. U kunt ook alles nalezen in de infotekstblok van de betreffende therapiegroep in het deelformularium Vitamine D + Ca profylaxe / deficiëntie.

  13. Waarom wordt Feneticilline (Broxil®) niet o.b.v. leeftijd gedoseerd, zoals in het Kinderformularium?

    N.a.v. het doseringsadvies in het Kinderformularium van dat moment is in december 2011 is het doseerschema Feneticilline gewijzigd naar doseren op gewicht i.p.v. leeftijd. In die periode zijn alle antibiotica doseerschema omgezet naar doseren op gewicht. Bij de wijziging van dit doseerschema is toen zowel naar de dosering “niet ernstige tot matig ernstige infecties” gekeken als naar de dosering “ernstige infecties”. De dosering van dit doseerschema werd 40mg/kg.

    De Formulariumcommissie vond het niet meer correct kinderen van 2-10 jaar dezelfde dosering te geven. Een kind van 10 jaar kan wel 3-4 keer zo veel wegen als een kind van 2 jaar. Het Kinderformularium heeft 1 februari 2016 de doseringen op gewicht weer weggelaten (geconformeerd naar SmPC), maar de dagdosis hetzelfde gelaten met 2-10 jaar: 250mg/dosis 3-6 dd = 750-1500mg/dag, wat uiteindelijk toch neerkomt op +40mg/kg/dag (voorbeeld 10 jaar is 40kg, dus 1500mg/40kg= 37,5mg/kg.

    Voorbeeld: Een kind van 8 jaar weegt doorgaans 25-30kg en dan is met op leeftijd doseren de dosis 750mg/30kg= 25mg/kg/dag aan de lage kant. Volgens het Health Base doseerschema is de dagdosering ‘beter’, namelijk 937,5mg/25kg= 37,5mg/kg/dag. Uiteraard kan met op leeftijd doseren ook gekozen worden voor zelfs 6dd 250mg en dan is de dosering 1500/25= 60mg/kg/dag.

    De dosis blijft met op gewicht doseren veel beter rond de 40mg/kg/dag ongeacht licht of zwaar kind. Daarom vond de Formulariumcommissie het op gewicht doseren net als met de andere antibiotica doseerschema een verbetering en geen reden om dit doseerschema opnieuw weer terug te zetten naar op leeftijd doseren (‘conformeren naar SmPC’).

Delen via