Door Health Base op 02 maart 2020
  • Medicatiebewaking
  • Pharmacom
  • Medicom

Gewijzigde contra-indicaties

Per 1 maart zijn er diverse wijzigingen doorgevoerd in de bewaking van contra-indicaties. 
Bij de volgende contra-indicaties is bewaking verwijderd:

CI 2 epilepsie is verwijderd bij atomoxetine, modafinil en methylfenidaat. Psychostimulantia zouden mogelijk de convulsiedrempel kunnen verlagen. Er is echter onvoldoende bewijs in de literatuur om deze bewering te onderbouwen. De meeste studies leveren ontkrachtend bewijs, waarbij geen verergering van epilepsie werd gezien.

CI 6/9 diabetes mellitus met/zonder insulinegebruik is verwijderd van de klassieke antipsychotica. Voor de klassieke antipsychotica werd na literatuuronderzoek, in de meeste studies onder diabetespatiënten geen verergering van de aandoening of ontregeling van de bloedglucosespiegels gevonden. Daarom worden deze middelen verwijderd uit deze contra-indicatie. De atypische antipsychotica blijven wel bewaakt. 

CI 11 ischemische hartziekten is verwijderd van febuxostat. Febuxostat wordt volgens de fabrikant afgeraden bij patiënten met ischemische hartziekten op basis van de uitkomsten van de CARES-studie. Op basis van de beschikbare literatuur kan nog geen eenduidige conclusie getrokken worden en daarom is febuxostat vooralsnog verwijderd uit de bewaking.

CI 14 hartfalen is verwijderd bij dapoxetine. Ondanks dat de fabrikant waarschuwt voor het gebruik van dapoxetine bij hartfalen, is er in de literatuur geen bewijs om dit te ondersteunen.

CI 22/23 hypo/hyperthyreoïdie is verwijderd van de checkpoint remmers. Uit de literatuur blijkt dat bij gebruik van checkpointremmers schildklierfunctiestoornissen kunnen optreden. Echter is bewaking via deze contra-indicatie niet nodig, omdat de checkpointremmers onder geprotocolleerde zorg vallen en de schildklierfunctie standaard gecontroleerd dient te worden bij het gebruik van deze middelen.,.

CI 75 angio-oedeem is verwijderd van de AT-II-antagonisten. Er is onvoldoende bewijs in de literatuur dat angiotensine (AT)-II-antagonisten een verhoogd risico geven op angio-oedeem bij patiënten die eerder een angio-oedeem hebben meegemaakt. Ook zorgen AT-II-antagonisten niet voor accumulatie van bradykinine; het mechanisme waarop ACE-remmers vermoedelijk voor een verhoogd risico op angio-oedeem kunnen zorgen. 

Bij de volgende contra-indicaties is bewaking toegevoegd:

CI 28 veneuze trombo-embolie is toegevoegd aan normaal immunoglobuline. In de productinformatie van normaal humaan immunoglobuline wordt gewaarschuwd voor longembolie en DVT. Mechanismen waardoor veneuze trombose na intraveneuze toediening van immunoglobuline kan voorkomen, zijn een mogelijke verontreiniging van het immunoglobuline preparaat met (stollings)factor XI(a) en verhoging van de serumviscositeit. Voorzichtigheid is daarom aanbevolen bij intraveneuze toediening van normaal humaan immunoglobuline indien CI 28 is vastgelegd.

CI 116 morbide obesitas is toegevoegd aan clindamycine. Uit onderzoek bij patiënten met cellulitis bleek dat morbide obesitas een significant verhoogd risico geeft op therapiefalen. Daarom is het advies om de keerdosering van clindamycine te verhogen naar 900 mg bij patiënten met een lichaamsgewicht >180 kg.|

CI 500-502 CYP2D6 is toegevoegd aan risperidon. Risperidon is zelf farmacologisch werkzaam maar wordt daarnaast door CYP2D6 omgezet in de actieve metaboliet 9-hydroxyrisperidon (paliperidon). Bij zowel poor metabolizers als ultra rapid metabolizers is het percentage patiënten waarbij therapie met risperidon faalt verhoogd. Daarom zijn er (doserings)adviezen bij deze fenotypes.

  • Sander Borgsteede Apotheker
  • Suzanne de Klerk apotheker
  • Marleen Olthoff Apotheker
  • Kim Loan van Donselaar Apotheker

Heeft u een vraag over dit bericht? 

Neem contact op
Delen via